12-11-11Monoloog Sven Keller……
Sven Keller is lid van MKV’29. Zoon van Ad en Ciska en broer van Bjorn. Ondanks zijn jeugdige leeftijd, hij is pas zeventien is Sven al vele jaren actief binnen de vereniging, Als voetballer, jeugdtrainer en jeugdscheidsrechter. Met ingang van dit seizoen mag hij zich officieel KNVB scheidsrechter noemen. Door de week is hij student aan het CIOS in Heerenveen.
Sven: Ik weet nog goed dat ik twaalf jaar was toen ik mijn eerste wedstrijd bij de F’jes floot. Vanaf het begin vond ik het erg leuk om te doen. Het leiding geven heeft me altijd al aangetrokken en je weet hoe het gaat bij een amateur vereniging, voor je het weet vragen ze je overal voor. Ik voetbalde zelf, trainde diverse jeugdteams en op zaterdagochtend had ik de wedstrijden om te fluiten voor het uitkiezen. Aangezien ik verleden jaar met mijn studie aan het CIOS ben begonnen, het dus wel erg druk kreeg besloot ik om me te concentreren op “het fluiten.” Ik haalde mijn scheidsrechter diploma en fluit nu als eerstejaars wedstrijden in de 4e en 5e klasse van het zondagamateur voetbal.
Ik vind het wel leuk dat wanneer ik bij een vereniging kom en mij voorstel als zijnde de scheidsrechter ze me toch wel een beetje vreemd aankijken. Ik zie ze denken: “Neemt dat ventje ons nu in de maling?” Over het algemeen is de ontvangst bij de clubs erg goed.
Bij een aantal wedstrijden, vooral in het begin werd ik begeleid door mijn coach die me vaak nuttige tips gaf. Ik voel geen druk van de aanwezigheid van rapporteurs. Tegenwoordig maken die zich bekend maar ik heb begrepen dat deze mensen vroeger met een zonnebril en in een regenjas zich schuil hielden in de bosjes. Gelukkig is men nu veel opener. Daar leer je dus ook weer meer van.
Dat de spelers in het veld ouder zijn dan ik ervaar ik ook niet als een bezwaar. In tegendeel, ik heb het idee dat ze er wel respect voor hebben. Belangrijk is dat je een wedstrijd aanvoelt. Geen wedstrijd is namelijk hetzelfde. Jammer is wel dat een groot aantal voetballers de spelregels niet volledig beheersen. “Scheids, is het nu een directe- of een indirecte?” Ook bij het uitdelen van kaarten is er veel verwarring. Vroeger had men twee kleuren, geel en rood maar als je de voetbalanalisten op de TV mag geloven is er nu ook diepgeel en donkerpaars rood.
Die laatste kleuren komen ter sprake na tientallen herhalingen daar waar een scheidsrechter in een split-second moet beslissen en niet altijd alles kan waarnemen.
Mijn grote voorbeelden in het betaald voetbal zijn Kevin Blom en Jochem Kamphuis. Uiteindelijk is het ook mijn doelstelling om ooit op dat niveau te fluiten of mag ik dat niet zeggen? Ik vind het echter normaal dat ik voor mijzelf de lat zo hoog mogelijk wil leggen. Noem het maar gezonde ambitie.
De mooiste wedstrijd die ik tot nu toe gefloten heb is Robur-Franeker in de 4e klasse. Veel supporters uit Franeker en Harlingen langs de kant. Die zorgden voor sfeer en voor mij zelf een dosis gezonde spanning die echter na het eerste fluitsignaal overgaat in concentratie. Heerlijk is het dan wanneer je daarna in de bestuurskamer van beide partijen hoort: “Goed gefloten scheids.” We hebben trouwens op de cursus ook geleerd dat we nimmer in discussie gaan over bepaalde beslissingen die ik op het veld heb genomen. Dat schiet namelijk niet op en terugdraaien kan immers toch niet meer. Ook moet men voorzichtig zijn wanneer een lokale omroep direct na afloop van een wedstrijd om commentaar vraagt. Beter is het om eerst te gaan douchen want men is snel geneigd om je tot “verrassende” uitspraken te verleiden.
Voor het geld hoef ik het niet te doen. Ik krijg een onkostenvergoeding van 18 euro 95 per wedstrijd plus de reiskosten. Dat laatste bedrag moet ik echter aan mijn moeder Ciska geven aangezien ik nog geen rijbewijs heb en zij mijn privé chauffeur is.
Verder heb je tegenwoordig aan alleen een zwart tenue ook niet meer voldoende. Naast zwart heb ik ook een geel, blauw en een groen tenue waarbij dat laatste mijn favoriete kleur is.
Als scheidsrechter in het amateur voetbal heb je ook te maken met je assistenten. Dat zijn clubmensen en ik heb er begrip voor dat zij niet alles kunnen of willen zien. Een overtreding van hun eigen team als voorbeeld wordt wel eens gemist. Ook de vernieuwde buitenspel regel is voor hen niet altijd gemakkelijk te hanteren en bij twijfel is het een doeltrap en geen corner maar dat zou ik als “clubgrens” zelf ook doen. Het is echter wel een extra moeilijkheidsgraad ten opzichte van neutrale assistenten. Ik ga echter van het positieve uit en tot nu toe heb ik alleen maar goede ervaringen met mijn assistenten.
Als scheidsrechter mag je ook best een beetje doof zijn. Voetbal is namelijk ook een stuk emotie. Gelukkig maar zou ik zeggen. Een opmerking van een speler of een kreet vanuit de dug-out hoor ik meestal niet. Anders wordt het wanneer bepaalde spelers of trainers steeds maar weer doorzeuren. Meestal is dan een waarschuwing voldoende. Ik ga er daarom ook altijd vanuit dat we het met zijn allen moeten doen om er een aantrekkelijke wedstrijd van te maken. Met zijn allen bedoel ik de spelers, de begeleiding, de supporters en de arbitrale leiding. Wanneer dat lukt en we rijden met een fijn gevoel terug naar huis in de wetenschap dat ook de deelnemers aan “de derde helft” op dat moment net zo tevreden zijn als in de eerste en tweede helft kan mijn zondag niet meer stuk. Zeker niet als ik later de rapportcijfers krijg toegestuurd.
Sven, namens alle MKV’29 ers wensen wij jou een fantastische toekomst als scheidsrechter. Aan je inzet, motivatie, gedrevenheid en je ambitie zal het niet liggen.
Redactie MKV'29 Guus Fazzi




